Bocholter Graven

Foto: Reinier Ellenkamp

Share on print
Share on email
Share on facebook

Geschiedenis

Wat nu in de streek gekend is als “de Bocholter Graven”, was een middeleeuwse verdedigingsconstructie. Dit honderden meters lange geheel van afwisselende grachten (dialect: “graven”) en aarden wallen bevond zich dwars op de enige doorgang tussen twee uitgestrekte moerasgebieden, het Wijffelterbroek en het Grootbroek. Het was een gecontroleerde barrière die van de 14e tot de 18e eeuw plunderende soldatengroepen en het voortdurende heen en weer trekken van legers moest bemoeilijken.

Onderzoek

In 2013 werd de aandacht van de Heemkundige Kring van Bocholt gewekt door een stafkaart uit 1908. Hierop stonden een aantal onverklaarbare vormen die niet natuurlijk waren en die duidden op een activiteit uit het verleden. Na een uitgebreide rondvraag in de buurt bleken enkele omwonenden zich te herinneren dat er zich “graven” (dialect voor grachten) bevonden in een toenmalige strook verwilderd bos, het huidige Natuurpunt-weiland ten noorden van de Napoleonsdijk.

Wordt verwacht

Op dit moment loopt nog een afrondend archeologisch onderzoek. Eenmaal de resultaten daarvan bekend zijn en we een duidelijk beeld hebben van hoe het landweersysteem er vroeger uitzag, gaan we aan de slag om een virtuele reconstructie van de plek te maken. Die zal online te bekijken zijn. Verder komen er ook nog een infopunt op de site zelf en een brochure in de Grensgevallen-serie.

Evenement 2018

Op 30 september 2018 doken meer dan 800 bezoekers in het verleden, en dat óp de site van de Bocholter Graven zelf! 

Geschiedenis

De Bocholter Graven, een Middeleeuws landweer

Wat nu in de streek gekend is als “de Bocholter Graven”, was een middeleeuwse grensverdediging. Het 500 meter lange geheel van afwisselende grachten en wallen bevond zich dwars op de enige doorgang tussen twee uitgestrekte moerasgebieden. Zo werden plunderende soldatengroepen en het voortdurende heen en weer trekken van legers gecontroleerd en bemoeilijkt van de 14e tot de 18e eeuw .

De kenmerken van het uitgestrekte, moerassige landschap met zandruggen werden in dit open grensgebied -ver van steden en burchten- als het ware aangewend en verder verfijnd om de boerenbevolking te beschermen. Ze woonden immers in de tumultueuze grensstreek tussen het voormalige land van Loon (Bocholt), het land van Thorn (Stramproy) en het Overkwartier van Gelder (Weert). Hier werd in de late mid­deleeuwen -vanaf 1396- een lange, hoge aarden wal (een ‘weergraaf’ genoemd) aangelegd.

Luchtfoto met zicht op het tracé van de Bocholter GravenDeze verdedigingswal werd versterkt met drie flanke­rende grachten van ieder ongeveer 450 meter lang. Vanuit vogelperspectief loopt het zogenaamde landweersysteem, de “Bocholter Graven”, in boemerangvorm door aan beide kanten van de huidige Napoleonsdijk. Al eeuwenlang ligt de weg hier op een zandheuvelrug, waardoor er een doorgang door dit zeer grote moerassig gebied mogelijk was. In 1814 werd de weg op bevel van de Franse bezetter verbeterd en opge­hoogd tot een dijk. Sinds die tijd heet hij Napoleonsdijk.

De functie van de Bocholter Graven is na het Ancien Régime weggevallen, waardoor ook behoud en beheer wegvielen. De contouren vervaagden stilaan en verdwenen grotendeels door de intensivering in de landbouw in de 20e eeuw. De structuren van de grachten zijn ondergronds bewaard (deels in natuurgebied, deels in agrarisch gebied). Ze worden bovengronds verraden door cropmarks (gewassen die anders groeien op ondergrondse sporen): zeer goed zichtbaar vanuit de lucht, en voor het geoefende oog ook op ooghoogte. Verder zijn er ook talrijke historische bronnen over beide structuren beschikbaar.

Onderzoek

Historisch onderzoek

In 2013 werd de aandacht van de Heemkundige Kring van Bocholt gewekt door een stafkaart uit 1908. Hierop stonden een aantal onverklaarbare vormen die niet natuurlijk waren en die duidden op een activiteit uit het verleden. Na een uitgebreide rondvraag in de buurt bleken enkele omwonenden zich te herinneren dat er “graven” (dialect voor grachten) lagen in een toenmalige strook verwilderd bos, het huidige Natuurpunt-weiland ten noorden van de Napoleonsdijk. Deze restanten hebben bestaan tot begin jaren 1970.

Er bleken ook oude luchtfoto’s te bestaan van één graaf, zuidelijk van de dijk. Op een kaart uit 1714 in het rijksarchief van Hasselt bleek dat er dus ook een “graft” was: een losstaande gracht, deel uitmakend van het volledige, 500 meter lange complex van grachten.

In 2015 liet ARK Natuurontwikkeling uit interesse een klein grondradaronderzoek uitvoeren. Dat bevestigde de ligging van de graven zoals op de oude luchtfoto’s en kaarten visueel werd vastgesteld. De grondradar gaf ook een indicatie van de diepte van de originele grachten. Het eigenlijke bewijs van het bestaan van een landweer vond de heemkring bij een verwijzing in het artikel “Landweren bij Deventer” van G.J. Doornink. Hierin wordt uitdrukkelijk vermeld dat er een landweer werd aangelegd 53 jaar vóór 1441. Ook in burgemeestersrekeningen van Bocholt (onder andere een uit 1603) is er enkele keren sprake van de “achterste weergraaf in Kreyel”. Bovendien wordt in de bronnen melding maken van twee slagbomen waarmee de enige doorgang (nu de Napoleonsdijk) kon worden afgesloten.

De heemkring doorwerkte daarnaast ook beschikbare literatuur over soorten landweren. Heemkunde Stramproy dook intussen mee in het onderzoek.

Archeologisch onderzoek

Om het historisch onderzoek van de heemkringen en het grondradaronderzoek sluitend te kunnen aftoetsen op terrein, werd in 2017 een archeologisch vooronderzoek georganiseerd. Door enkele proefboringen te nemen en een proefsleuf te graven, werd er gekeken naar de structuur van de grachten die nog onder het grondoppervlak bewaard liggen.

Het resterende landweercomplex bestaat uit 4 noordwest-zuidoostelijk georiënteerde grachten, en 2 noord-zuidelijk lopende grachten (de “Graft” genaamd), gekoppeld in paren. De wallen tussen elk van de paren werden opgeworpen uit aarde van de flankerende grachten, waardoor de archeologen inschatten dat de wallen zo’n 3 meter hoog waren. De grachten waren immers 2 à 10 meter breed en tot 3 meter diep! Vanuit de lucht gezien (de “cropmarks” zijn in sommige seizoenen goed zichtbaar) heeft het hele complex een soort boemerangvorm. De voor een landweer indrukwekkende totaalomvang van zo’n 500 meter lang en 100 meter breed doet vermoeden dat de aanleg ervan vanuit een bovenlokaal bestuursniveau werd opgedragen en gefinancierd.

In de doorsnede van de grachtensporen zijn twee donkere humuslaagjes temidden van de zandgrond opgevallen. De onderste laag is tegelijk de bodem van de grachten toen die werden gegraven in de middeleeuwen. Doordat bladeren uit de omgeving naar de bodem zakten en daar composteerden, werd de donkere laag gevormd. De grachten werden op een bepaald moment niet meer gebruikt voor lange tijd: vandaar het erboven liggende zandpakket. Na enkele honderden jaren werden de grachten opnieuw uitgegraven en in gebruik genomen (waarschijnlijk in de 16e eeuw): ook dat valt in de bodem vast te stellen door de tweede donkere laag.

Bovendien werd bij toeval een kuil voor de meest oostelijke gracht ontdekt, waarvan de mogelijkheid bestaat dat het één van vele struikelkuilen is die doorgang door het verdedigingssysteem extra bemoeilijkten. Om dit te bevestigen is echter extra onderzoek nodig.

In 2019 worden de in 2017 genomen grondstalen geanalyseerd door gespecialiseerde laboratoria. Er zal via pollenanalyse onderzocht worden welke vegetatie waarschijnlijk in de directe omgeving van de grachten stond. Op de wallen werden immers vaak doornstruiken aangeplant, die als een soort prikkeldraad “avant la lettre” fungeerden. Door OSL-onderzoek wordt er gekeken wat de ouderdom is van verschillende lagen in de grachten. OSL (Optically Stimulated Luminescence) analyseert de invloed van zonlicht op grond, vandaar dat men kan nakijken hoeveel jaar geleden een bepaalde bodem die nu ondergronds ligt, aan de oppervlakte lag. Wordt vervolgd dus!

Video: Lambert Geutjens

Archeologisch onderzoek van de Bocholter Graven
Foto: Klara Hermans

Evenement 2018

Op 30 september 2018 doken meer dan 800 bezoekers in het verleden, en dat óp de site van de Bocholter Graven zelf! Onder een stralende zon speurden ze  naar de sporen van de 500 meter lange verdedigingsmuren.

In kleuter-, kinder- en tienervarianten waren er mini-opgravingen met echte archeologen. Jong en oud ging op zoek naar oude munten met een echte metaaldetector of werden heel wat wijzer in een rondleiding langs het archeologisch onderzoek. Wie de handen wou vuil maken, ging cropmarks zaaien met tuinkers of een bodemprofiel namaken in een bokaal. De middeleeuwse schutters legden intussen uit hoe grensverdediging vroeger werd georganiseerd.

Met een welverdiend ijsje of streekbiertje in de hand verzamelde het publiek zich rond 15u om te genieten van het historisch grensspektakel. De ruziënde herder en turfsteker, de ontvoering van de abdis-vorstin van Thorn, plunderende Spaanse soldaten uit de Tachtigjarige oorlog, Franse troepen met bajonetten, …  Ze werden allemaal terug tot leven gebracht in deze unieke re-enactmentopvoering door de heemkring van Stramproy en tientallen vrijwilligers. 

Foto’s: Anneleen Mengels, Tamara Schuermans, Klara Hermans, Erwin Christis

Contact

Winterslagstraat 87
B – 3600 Genk

T +32 89 65 56 65
F + 32 89 65 56 78

In opdracht en met de steun van:

Losgo's van opdrachtgevende en steunende organisaties

RLKM VZW © 2019      –